02/05/2013 - De Morgen


Nieuwe dansvoorstelling van Ugo Dehaes werkt verwarrend
Alsof je naar twee verschillende stukken kijkt
 
Choreograaf Ugo Dehaes brengt in Grafted vijf onafscheidelijke danskoppels samen. Het is een drukke voorstelling geworden, met ruimte voor spontaneïteit. Maar het intermezzo zorgt voor een wel erg radicale stijlbreuk.
 
Kent u het scheppingsverhaal van Plato? Oorspronkelijk  was  de  mens  een dubbelslachtig wezen met vier benen, vier armen en twee gezichten. Niet naar de zin van Zeus natuurlijk, die de potentiële hemelbestormers in twee hakte. Sindsdien is elke mens koortsig op zoek naar zijn wederhelft. En kijk, in Grafted lijken ze elkaar gevonden te hebben.
 
De vier koppels op scène - al jaren dans- vaak ook levenspartners zijn samengesmolten tot een tweekoppig lichaam, als het ware verbonden door een onzichtbaar membraan. Als springballen stuiteren ze over de grond, klampen ze zich als acrobatische aapjes vast aan elkaars benen om dan weer te verglijden in een verstilde pose waarin ze genegen elkaars lichaam aftasten. Alsof hun hoofden aan elkaar zijn getapet - de centrale as in deze choreografie - ontvouwt zich een vloeiend, ritmisch spel van loslaten en verstrengeling, dragen en gedragen worden, aantrekken en afstoten, waaruit rigoureus alle pathetische sérieux is gefilterd misschien een tikkeltje te ver, tenslotte wil je toch ook op een dieper niveau wat voelen. 

Grafted is behoorlijk druk om naar te kijken. Gelukkig houdt Dehaes van knipoogjes, wat de voorstelling een vederlichte toets geeft. Onder de structurele frases Iaat hij ruimte voor spontaneïteit en veel heb je duidelijk niet nodig om wat ademruimte te creëren - een plagerige tong uit een meisjesmond, een spontaan lachsalvo, een allusie op - toch? de Jedi uit Star Wars.
 
Schalks speelt Dehaes met noties als mannelijk- en vrouwelijkheid - net zoals in Women (2011) en GIRLS (2013) alleen gedragen door een soundtrack  van menselijke ademhaling binnen een kale omkadering. What you see is what you get.
 
Of toch niet? Wat volgt, tart elke verbeelding. Abrupt zwelt de elektronische muziek aan en een futuristische licht- en videoscape tovert de scène in geen tijd om tot een hallucinante trip. De groep dansers verdwijnt op het achterplan, in hun kielzog een frankensteinachtig wezentje achterlatend. Met pluchen extensies die de vrouw aan haar lichaam vasthaakt, creéert ze een soort exoskelet waarmee ze op haar beurt een verwrongen, hypersnelle pas de deux uitvoert. Even later blijkt een andere danseres haar plek te hebben ingenomen. Aha, we dachten al dat er sprake was van vijf danskoppels.
 
Open mond 

Dit intermezzo is best fascinerend om naar te kijken, maar het is vooral de genadeloze stijlbreuk die je mond open laat vallen. Het lijkt wel alsof we zijn terechtgekomen in een bizarre droom waarvan ons de volgende dag afvragen of hij wel echt heeft plaatsgevonden.
 
Alsof er niks gebeurd is, verschijnen de danskoppels daarna weer op scène om in alle consequentie af te maken waar ze aan begonnen zijn. Maar als toeschouwer kun je niet zo snel switchen. In complete verwarring die je dan maar als absurde humor kanaliseert - opwindend om de verkeerde reden - verlaat je de zaal, alsof je in een uur tijd twee verschillende stukken hebt gezien.

- Charlotte De Somviele
 

<<<